De egel (Erinaceus europaeus) staat sinds 2020 op de Rode Lijst en is in Nederland kwetsbaar verklaard. Onderzoek van de Zoogdiervereniging laat zien dat de populatie in 25 jaar tijd met meer dan de helft is afgenomen. Oorzaken: verkeer, robotmaaiers, verharde tuinen, gif en het verdwijnen van schuilplekken. Een tuin die egels welkom heet kan een groot verschil maken — niet alleen voor de egel, ook voor de tuinier, want één egel eet per nacht honderden slakken, kevers en rupsen.
Een egel-vriendelijke tuin draait om vier dingen: een veilige schuilplek, voldoende voedsel, schoon drinkwater en doorgang naar buurtuinen. Hieronder lees je hoe je elk van deze vier in jouw tuin regelt, plus de gevaren die je moet vermijden.
Waarom de egel hulp nodig heeft
Egels zwerven elke nacht 1 tot 2 kilometer rond op zoek naar voedsel. Een dichtgegroeid hek, een diepe vijver zonder ontsnapuithaal, een robotmaaier in het donker of een berg verbrand bladafval — allemaal levensgevaarlijk. In Nederlandse stedelijke tuinen worden volgens het CBS jaarlijks duizenden egels door verkeer doodgereden. Veel tuinen liggen tussen drukke wegen ingesloten omdat schuttingen geen doorgang bieden.
Daarnaast lijdt de egel onder een tekort aan natuurlijk voedsel. Insectenpopulaties zijn de afgelopen decennia gedaald, en strakke gazons met grasmaaier en pesticiden leveren weinig regenwormen of kevers op. Een halfwilde tuinhoek is voor een egel goud waard.
Wat egels niet kunnen: klimmen op gladde oppervlakken, zwemmen langer dan een paar minuten, snel reageren op licht of geluid. Daarom zijn ze bij vijvers, kelder-lichtkokers en putten extra kwetsbaar.
De juiste schuilplek: een egelhuisje
Egels overdag schuilen, en in de winter houden ze winterslaap van eind oktober tot ongeveer eind maart. Voor beide hebben ze een droge, geluidloze schuilplek nodig. Een egelhuisje van hout (geen bewerkt of geverfd hout) is ideaal. Maten: ongeveer 30 x 35 x 30 cm met een ingangstunnel van 12 cm hoog en 15 cm breed.
Belangrijk is een tunnel-ingang van minimaal 25 cm lang die haaks op het hoofdcompartiment staat. Dat houdt katten, vossen en honden buiten. Een egel waggelt door de tunnel het hoofdvak in. De wand van het huisje moet onbehandeld zijn, want lijm en beits kunnen schadelijk zijn voor de egel.
Plaats het huisje op een droge plek, het liefst onder een struik of haag, met de opening van de overheersende windrichting af (in Nederland dus naar het oosten of zuidoosten). Leg eronder een laagje droge bladeren — de egel maakt er zelf een nest van bladeren, mos en gras.
Een alternatief: een takkenril of bladhoop. Een hoek van de tuin met een meter hoge stapel takken en oude bladeren is voor egels minstens zo goed als een huisje, en kost niets. Niet aansteken in november — dan zit er vrijwel zeker een egel in winterslaap.
Voer: wat egels wel en niet mogen eten
Egels zijn alleseters maar eten van nature vooral insecten, kevers, regenwormen, rupsen, slakken en af en toe een ei of jong knaagdier. Aanvullend voer in de tuin kan helpen, vooral in droge zomers en in de vroege winter wanneer de egel nog reserve moet opbouwen.
- Goed: kattenvoer of hondenvoer, niet gekruid en niet vis-gebaseerd. Brokjes of natte voeding kan beide. Speciaal egelvoer uit de dierenwinkel werkt ook.
- Goed: ongezouten ongebrande pinda’s, gekookt ei (zonder zout), kleine stukjes gekookte kip.
- Niet geven: melk en zuivel — egels zijn lactose-intolerant en krijgen ernstige diarree.
- Niet geven: brood en koekjes — vrijwel geen voedingswaarde, blokkeert echt voer.
- Niet geven: rauw vlees, vis, mealworms in grote hoeveelheden (kunnen tot botziekte leiden).
- Niet geven: nootjes met zout, chocolade of chocolade-koekjes.
Plaats het voer onder een omgekeerde plantenpot of houten kistje met een ingang van 12 cm hoog. Zo houd je katten, vossen en kraaien weg, terwijl een egel er onder kan kruipen. Zet het voer pas tegen schemering neer, anders is het al weg voor de egel ontwaakt.
Drinkwater is misschien wel het belangrijkst
Een ondiepe schaal met schoon water (vervang dagelijks) is in droge zomers cruciaal. In een hete juli of augustus kan een egel zonder water al binnen een dag uitdrogen. Plaats minimaal twee schaaltjes verspreid over de tuin op grondniveau, met een rand van maximaal 4 cm hoog.
Geen melk. Geen vruchtensap. Alleen water. Een platte stenen schaal werkt beter dan plastic — de schaal blijft beter staan en koelt minder hard op. Plaats hem in de schaduw zodat het water niet algeert in de zon.
Pas op met regentonnen, kelder-lichtkokers en betonnen putten: een egel valt erin en kan er niet uit. Zet er een kippengaas-deksel op of leg een latje als loopplank.
Vijvers en zwemvijvers: ontsnapuithaal
Een egel kan kort zwemmen, maar verdrinkt als hij niet uit de vijver kan klimmen. Een vijver met steile rand is een dodelijke val. Maak minstens één plek met een flauwe oever (hoek <30°) van zand, grind of grasmat. Een houten plank, een schuin gemetseld randje of een uithaal-trapje van 30 cm breed werkt ook.
Bij zwemvijvers en bassins met steile betonnen wanden moet je echt iets monteren. Een drijvende plank verbonden aan de oever, of een ladderachtig roostertje, kan een leven redden. Controleer in het voorjaar je vijver: als je een verdronken egel vindt, weet je dat de uithaal ontbreekt.
Veilige doorgang: het egelluik
Egels hebben een leefgebied van 10-30 hectare. Dat past niet in één tuin. Daarom moeten ze tussen tuinen door kunnen. Een opening van 13 x 13 cm in een schutting (een ‘egelluik’) is groot genoeg voor een egel maar te klein voor de meeste honden. Plaats die opening op grondniveau, niet boven 5 cm hoogte.
Bespreek dit met je buren — als ze meedoen krijg je een wildlife-corridor van meerdere tuinen. Initiatieven als Operatie Steenbreek bevorderen dit type aanpassingen. In sommige gemeenten worden egelluiken zelfs gesubsidieerd.
Heb je geen schutting maar een dichte heg, controleer dan of de heg niet helemaal tot op de grond gesloten is. Een hagedoorn of meidoorn met opening eronder is meestal egel-doorlaatbaar. Dichte coniferen niet.
De gevaren in jouw tuin
Robotmaaiers zijn de laatste jaren een grote bedreiging geworden. Een rondrijdende grasmaaier in het donker pakt egels die zich oprollen in plaats van vluchten. Stel daarom in: laat de robotmaaier alleen tussen 10:00 en 17:00 lopen, niet in de schemering of nacht. Egels zijn dan in hun nest.
Bestrijdingsmiddelen tegen slakken (bijvoorbeeld metaldehyde) zijn dodelijk voor egels die de vergiftigde slakken eten. Sinds 2024 zijn metaldehyde-pellets in de EU verboden, maar er liggen nog voorraden in schuren. Gooi die weg en gebruik alternatieve middelen: bierfuiken, koffieprut, koperen randen om bedden of mechanische slakkenbestrijding.
Een ander gevaar: bladafval verbranden. Een egel slaapt graag in een composthoop of takkenstapel, dus controleer altijd voor je iets aansteekt of er ritselt. Beter nog: laat de bladhoop staan tot eind maart, want de winterslaap loopt vaak nog door.
Tot slot: schuttingen zonder opening, kelderkokers zonder rooster, hoge betonranden en automatische schuif-poorten zijn allemaal egel-vijandig. Een korte rondgang door de tuin met ‘wat zou een egel hier doen’-bril levert vaak verrassende inzichten op.
Wat te doen bij een gewonde egel
Vind je overdag een egel buiten zijn nest, dan is dat altijd zorgwekkend — egels zijn nachtdieren. Symptomen die op problemen wijzen: wankel lopen, op de zij liggen, vliegen rond het lichaam, een ondergewicht in de winter (een gezonde egel weegt voor de winterslaap minimaal 600 gram).
Pak een egel niet op met blote handen, gebruik een handdoek of dikke werkhandschoenen. Plaats hem in een doos met luchtgaten en een handdoek erin, op een warme plek (warmwaterkruik onder de doos). Bel een egelopvang in jouw regio — de Nederlandse Egelopvang en het Egel Centrum (egelopvangcentrum.nl) hebben opvangcentra door het land. Geef geen melk, alleen water.
Egels jonger dan 600 gram die nog buiten lopen na half oktober halen vaak de winterslaap niet. Ze worden in opvangcentra opgevangen, opgevoerd en in het voorjaar weer uitgezet.
Combineren met andere wildlife-elementen
Een egel-vriendelijke tuin past natuurlijk in een bredere wildlife-tuin. Lees onze gids over Vogelhuisjes plaatsen: soorten en de juiste locatie voor de vogels en over Insectenhotel zelf bouwen voor solitaire bijen voor de bestuivers. Hoe meer diversiteit, hoe stabieler het tuin-ecosysteem.
Plant inheemse struiken zoals meidoorn (Crataegus monogyna), sleedoorn, kornoelje en wilde kamperfoelie. Die geven egels schuilmogelijkheden en trekken insecten waar de egel van leeft. Laat een hoek van het gazon ongemaaid — de zogenaamde rommelhoek — met brandnetels, hoge grassen en kruiden. Daar zitten de meeste rupsen en kevers.
Een composthoop is dubbel nuttig: zelf compost én een warme schuilplek voor egels. Roer hem in november en december niet om. In het voorjaar kun je voorzichtig graven, met de prikvork omhoog en niet recht naar beneden.
Veelgemaakte fouten
De meest gemaakte fout is melk geven aan egels. Egels zijn lactose-intolerant en krijgen er ernstige diarree van die fataal kan zijn. Geef alleen water. Tweede fout: bladhoop in november opruimen of verbranden — controleer altijd op winterslapers, schuif voorzichtig met een hark, tot juni.
Derde fout: voer in een open schaal zonder bescherming. Dat trekt katten, vossen, ratten en kraaien. Plaats voer altijd onder een omgekeerde pot of in een voer-station met smalle ingang. Vierde fout: een vijver zonder ontsnapuithaal — controleer in het voorjaar.
Vijfde fout: de tuin volledig ‘netjes’ maken. Een tuin zonder hoekjes met blad, takken, struikgroei en compost levert nul schuilplekken op. Een paar wilde hoeken — bijvoorbeeld achter een schuur of onder een haag — maakt het verschil tussen een doorvliegende egel en een vaste bewoner.
Belangrijk om te weten
Dit artikel is informatief. Voor specifieke vragen over jouw situatie raadpleeg een hovenier, je gemeente of het Ctgb (toegelaten gewasbeschermingsmiddelen). Bij snoei of kap van beschermde bomen geldt de Wet natuurbescherming en mogelijk een gemeentelijke kapvergunning. Tijdens het broedseizoen (maart t/m juli) mag je geen broedende vogels verstoren.
Veelgestelde Vragen
Insecten, regenwormen, slakken en kevers. Aanvullen mag met kattenvoer of hondenvoer (niet gekruid, niet visgebaseerd), gekookt ei of ongezouten pinda's. Geen melk en geen brood.
Nee. Egels zijn lactose-intolerant en krijgen ernstige diarree van melk en zuivel. Geef alleen water in een ondiepe schaal.
Ongeveer 30 x 35 x 30 cm met een tunnel-ingang van minimaal 25 cm lang en 12 x 15 cm doorsnede. Onbehandeld hout, op een droge schaduwrijke plek.
Zorg voor minimaal één flauwe oever (<30°) of een ladder/plank waar een egel uit kan klimmen. Egels kunnen kort zwemmen maar verdrinken zonder uithaal.
Een opening van 13 x 13 cm op grondniveau in schutting of muur, zodat egels tussen tuinen kunnen reizen. Een egel heeft een leefgebied van 10-30 hectare.
Van eind oktober tot ongeveer eind maart, afhankelijk van temperatuur. In die periode geen takkenhopen omwoelen, geen bladafval verbranden en geen composthoop omspitten.
Pak hem voorzichtig op met dikke handschoenen, plaats in een doos met handdoek en luchtgaten, geef alleen water en bel een egelopvang. Egels die overdag rondlopen zijn vrijwel altijd hulpbehoevend.